Uw banner hier

Zoeken in het woordenboek

Zoeken naar:
 



testcorgwell
Onderwijswoordenboek
Welkom op ons digitale onderwijswoordenboek, het snelst groeiende en omvangrijkste naslagwerk voor het onderwijs. Indien u klikt op een letter in de alfabetbalk krijgt u een overzicht van alle beschikbare zoektermen in het woordenboek, die beginnen met de gekozen letter.

woordenboek totaal

woordenboek totaal (31/- )

mbo (5/- )

onderbouw vo

onderbouw vo (-/- )

primair onderwijs

primair onderwijs (-/- )

vmbo

vmbo (6/- )

vmbo

zorg (18/- )

Aanmeldingsdossier


Een deel van de opleiding in het middelbaar beroepsonderwijs vindt plaats in de praktijk van een bedrijf of instelling. In de beroepsbegeleidende leerweg (bbl) is de leerling werknemer en ontvangt ook loon. In de beroepsopleidende leerweg (bol) vindt de beroepspraktijkvorming plaats in de vorm van een stage. Deze mag maximaal zestig procent van de totale leertijd bedragen.
De kenniscentra beroepsonderwijs zorgen voor de selectie en kwaliteitsbewaking van de leerbedrijven. De regionale opleidingencentra zijn verantwoordelijke voor de begeleiding van de leerlingen in het leerbedrijf.
De beroepspraktijkvorming wordt verzorgd op basis van een overeenkomst tussen de onderwijsinstelling, het leerbedrijf en de deelnemer. Als het om een praktijkovereenkomst gaat voor de beroepsbegeleidende leerweg ondertekent ook het kenniscentrum de overeenkomst. Daarmee geeft het landelijk orgaan aan dat het leerbedrijf voldoet aan bepaalde kwaliteitscriteria.
Wet educatie en beroepsonderwijs: artikel 7.2.8. en 7.2.9.

ADHD


 

ADHD betekent Attention Deficit Hyperactivity Disorder. Ook komt de aanduiding ADD voor. Dit is een algemenere aanduiding en slaat op de aandachtsstoornis zonder hyperactiviteit. ADHD in het Nederlands: Aandachts-Tekort-Stoornis met Hyperactiviteit.

Kinderen met ADHD kunnen last hebben van:

- aandachtsproblemen of concentratieproblemen;

- impulsiviteit;

- hyperactiviteit.

Daarnaast zijn er bij ADHD ook vaak problemen met de tijdsbeleving. Er zijn verschillende vormen van ADHD en niet alle verschijnselen hoeven tegelijk voor te komen.

Kinderen met aandachtsproblemen zijn vergeetachtig, raken hun spullen vaak kwijt en zijn snel afgeleid. Soms doen deze kinderen de ene keer iets goed en vervolgens lukt dat niet meer (hyperfocussen).

Impulsieve kinderen doen eerst en denken dan na. Ze flappen er alles uit. Ondoordacht en overdreven gedrag komt vaak voor.

Hyperactieve kinderen zijn onrustig, kunnen niet stil zitten, friemelen met hun handen en vertellen soms lange verhalen waar de luisteraar geen touw aan vast kan knopen.

Van belang binnen de schoolse organisatie is het bieden van structuur, het geven van duidelijke instructies en het bieden van een duidelijke gedragsbegrenzing.

Signalering: Ter screening bestaan ADHD-vragenlijsten (AVL) voor leraren en ouders. De schoolarts kan een screenende en verwijzende rol spelen.

Verwijzing: Via de huisarts.

Diagnostiek: Onderzoek door een kinderpsychiater.

Aanbod: Instellingen voor geestelijke gezondheidszorg (GGZ).

Informatie: www.adhd.nl.

Agrarisch opleidingscentrum


Afgekort aoc. Dit is een centrum waarin voorbereidend en secundair beroepsonderwijs wordt gegeven op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving. In tegenstelling tot het overige voortgezet onderwijs en het secundair beroepsonderwijs vormen agrarische opleidingscentra verticale scholengemeenschappen.

Angststoornis


 

Kinderen met een angststoornis zijn bang zonder dat de omstandigheden daar aanleiding toe geven. Angst kan specifiek zijn of in algemene zin (in alle situaties) voorkomen. Vooral sociale situaties kunnen aanleiding zijn om zich angstig te gaan voelen. Dit leidt tot het vermijden van situaties waarin angst optreedt. Een angstaanval kan gepaard gaan met lichamelijke verschijnselen, zoals hartkloppingen, duizeligheid, angstzweet, ademnood, misselijkheid en diarree. Er zijn verschillende soorten angststoornissen:

- Enkelvoudige fobie: bang zijn voor een bepaald ding, dier of situatie.

- Hypochondrie: angst voor ziekte.

- Sociale-angststoornis: angst voor sociale situaties.

- Agorafobie of straat- of pleinvrees: angst voor grote open ruimten en plaatsen waar veel mensen zijn.

- Paniekstoornis: overvallen worden door plotselinge paniek zonder directe aanleiding.

- Posttraumatische stressstoornis.

Op school komen faalangst en de schoolfobie (specifieke sociale fobie) voor. Het doorbreken van vermijding en het adequater leren omgaan met spanning is dan van belang (zie ook verder bij faalangst).

Signalering: Vragenlijsten (SSAT, SVL, NPV-J), observatie, gesprek met de schoolarts of huisarts.

Diagnostiek: Via de huisarts volgt meestal een verwijzing naar een psychiater, psycholoog of instelling voor geestelijke gezondheidszorg (GGZ). In de toekomst zullen deze indicaties via Bureau Jeugdzorg verlopen.

Anorexia nervosa


 

Kinderen met anorexia nervosa onderdrukken hun eetlust. Het eetgedrag is gestoord vanuit het verlangen om slank of mager te zijn. Ze zijn obsessief met voeding bezig, voelen zich vaak moe en depressief. Veelal is sprake van een verstoord lichaamsbeeld (zich als dik blijven zien). Meisjes krijgen een onregelmatige menstruatie en soms stopt deze helemaal. Anorexia nervosa vormt een ernstige bedreiging voor de gezondheid. Het sterftecijfer onder deze patiënten is relatief hoog. De behandeling is gericht op het herstel van het eetpatroon waarvoor soms ziekenhuisopname noodzakelijk is. Daarnaast worden de psychische klachten behandeld met medicijnen en/of psychotherapie.

Signalering: Observaties, of via de schoolarts of huisarts. Binnen school is een snelle doorverwijzing naar de schoolarts van belang.

Diagnostiek: Psychiatrisch onderzoek.

Informatie: www.sabn.nl.

Aanbod: Instellingen voor geestelijke gezondheidszorg (GGZ).

Anti-sociale gedragsstoornis


 

Leerlingen met een anti-sociale gedragsstoornis proberen door agressief gedrag de omgeving naar hun hand te zetten. Agressief gedrag is vaak een signaal voor achterliggende problemen. De diagnose anti-sociale gedragsstoornis wordt gesteld wanneer het gedrag minimaal zes maanden aanwezig is en er minstens drie van de volgende gedragingen regelmatig waargenomen worden bij het kind: stelen, weglopen, liegen, brandjes stichten, spijbelen, inbreken, vernieling aanrichten, dieren mishandelen, vechten met gebruik van een wapen, mishandeling en aanranding. Binnen de schoolse situatie kenmerkt de stoornis zich door veelvuldig verzuim, open of passief verzet tegen leraren, agressiviteit naar medeleerlingen.

Diagnostiek: Multi-disciplinair onderzoek moet uitwijzen of er daadwerkelijk sprake is van een anti-sociale gedragsstoornis en moet andere oorzaken uitsluiten.

Signalering: Observatie door leraren, leerlingbegeleider, screening door de onderwijshulpverlener.

Asperger, syndroom van


 

Het Asperger syndroom is een autistische stoornis met problemen op het gebied van communicatie en sociale vaardigheden. De problemen zijn echter minder opvallend dan bij klassiek autisme. Kinderen met Asperger hebben vaak een overdreven belangstelling voor een ding waar ze zich helemaal in vastbijten. Ze kunnen zeer sterk reageren op zintuiglijke indrukken en kunnen zelfs in paniek raken door gewone ervaringen. Sommigen hebben leerproblemen, terwijl anderen juist heel goed presteren.

Signalering: Observatie in school van het sociale gedrag, bezoek aan de schoolarts.

Diagnostiek: Onderzoek door een gespecialiseerd (kinder)psychiater.

Informatie: www.autisme-nva.nl.

Assistentopleiding


De assistentopleiding is een opleiding in het middelbaar beroepsonderwijs. De instroom is drempelloos en bedoeld voor leerlingen die in de leerwegen het getuigschrift vmbo hebben behaald. De opleidingen duren een half jaar tot een jaar en sluiten aan op het kwalificatieniveau van assisterend beroepsbeoefenaar. De assistentopleiding op kwalificatieniveau 1 leidt op tot het uitvoeren van eenvoudige werkzaamheden.

Autisme


 

Autisme is een verzamelnaam voor een aantal psychiatrische stoornissen met een neurologische oorzaak. Vooral de verwerking van senso-motorische waarnemingen functioneert anders. Kinderen met autisme hebben beperkingen in de sociale interactie en in het verbeeldings- en voorstellingsvermogen. Vaak vertonen ze herhaalgedrag.

Autisme wordt onderverdeeld in vijf subgroepen:

- (Klassiek) autisme.

- De stoornis van Asperger.

- PDD-nos.

- RET-syndroom.

- Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd.

Signalering: Binnen de schoolse situatie valt op dat deze leerlingen in sociaal opzicht minder of geen wederkerig contact kunnen maken. Het uitvragen en observeren van het sociale inzicht is van belang. Leerlingbegeleiding en schoolarts kunnen een rol hierin spelen en doorverwijzen naar de huisarts.

Diagnostiek: Onderzoek door een gespecialiseerd (kinder)psychiater.

Informatie: autisme.pagina.nl.

Basisberoepsgerichte leerweg


Afgekort bl. De basisberoepsgerichte leerweg is een van de vier leerwegen in het vmbo. Deze leerweg wordt verzorgd door scholen of afdelingen voor vbo. Het onderwijs in de basisberoepsgerichte leerweg is gericht op een algemeen maatschappelijke voorbereiding en persoonlijke vorming en bereidt voor op de basisberoepsopleiding in het aansluitend beroepsonderwijs. In de basisberoepsgerichte leerweg worden vier sectoren met bijbehorende examenpakketten onderscheiden. De vakken uit de examenpakketten van deze leerweg worden voor de algemene vakken afgesloten met het kerndeel. Het afdelings of intrasectoraal programma wordt minimaal afgesloten met het kerndeel; de afsluiting met het verrijkingsdeel is een keuze. Het verrijkingsdeel wordt in het spraakgebruik wel vergeleken met het huidige vbo en mavo d niveau, het kerndeel met het c niveau.
<< Begin < Vorige 1 2 3 4 Volgende > Einde >>